Welkom!


Welkom op mijn blogsite. Ik ben Miek en wil weten wat u van mijn blogs vindt. Dat kunt u doen door op een of meerdere labels te klikken ("Leuk", "Dit is Miek." of "(Freaking) mooi geschreven").

Heeft u een vraag, wilt u reageren, heeft u een mening of is er iets anders dat u per se kwijt wilt? Dat kan door bij een van mijn berichten een reactie te plaatsen. Ik zal zo snel mogelijk reageren.

Ik hoop dat u mijn berichten met veel plezier leest en dat u vaker terugkomt.

vrijdag 30 november 2012

dinsdag 27 november 2012

Wiskundemeisjes - Op steenworp afstand

Ik dacht laatst na over de term "op steenworp afstand". In mijn hoofd was dat een meter of 60 ver weg, maar waarom is dat eigenlijk zo? Met kogelstoten op de middelbare school kwam ik eens voorbij de 10 meter, maar dat is iets anders. Zijn er echt mensen die zo ver met stenen kunnen gooien? Als dat kan, zijn het vast van die lichte steentjes, die je langs beekjes vindt.
Afgelopen weekend kwam er een column over en vond deze zo leuk, dat ik besloot hem te delen. 

Deze column verscheen afgelopen weekend in de Volkskrant.

Geachte manager van hotel De Biltsche Hoek,
Laatst was ik op zoek naar een hotel in Utrecht, liefst lekker dichtbij de Domtoren. Toen belandde ik op uw website met foto’s van ruime kamers, een gezellige hotelbar en een uitnodigend zwembad. En dat alles “op een steenworp afstand van de bruisende stad Utrecht” zoals u op uw website schrijft. Dat moet dus wel heel dichtbij zijn. Want hoever kan een steenworp nou helemaal zijn?

Zelf gooi ik (vanzelfsprekend) als een meisje en ik kom met een steen niet verder dan een meter of zeven. Ik zocht op wat het wereldrecord steenwerpen eigenlijk is. Helaas is daar weinig van bekend, het is niet zo’n populaire wedstrijdsport. In 1906 was steenwerpen voor het laatst een onderdeel op de Olympische Spelen. Toen haalde de Griekse atleet Nikolaos Georgantas goud met een worp van 19,925 meter. Dat is ook niet zo ver. Maar die worp was met een flinke steen van zes kilo, oftewel zo’n driehonderd hotelzeepjes.
Laten we daarom aannemen dat u met uw steenworp de oude Noorse eenheid steinkast bedoelt. Daarvan denken historici dat het een afstand tussen de veertig en zestig meter is. Dus uw hotel ligt op een meter of zestig van de stad Utrecht. Dat betekent dat ik na een lange nacht in uw gezellige hotelbar de volgende dag kan kruipen naar de Domtoren.
Tot mijn verbazing zag ik echter op de kaart dat uw hotel bijna zes kilometer van de Domtoren afligt. Dat is meer dan een uur kruipen! De Biltsche Hoek staat in in een uithoek van De Bilt (zoals de naam misschien al een beetje verraadde).
Teleurgesteld besloot ik uw hotel niet te boeken. Als die steenworp niet klopt, dan zijn die kamers waarschijnlijk ook niet zo ruim en die hotelbar niet zo gezellig. Maar toen bedacht ik dat uw hotel misschien wel heel hoog is. Zó hoog, dat als je er een steen van afwerpt, je makkelijk de domtoren raakt. Hoe hoog zou De Biltsche hoek dan moeten zijn?
Ik sloeg aan het rekenen. Om u te matsen nam ik aan dat er geen luchtweerstand is en dat er een supergoede werper op het dak van het hotel staat. Bij honkbal gooien de beste spelers de bal weg met een slordige honderdvijftig kilometer per uur.
Met die snelheid kost het de bal 144 seconden om de afstand van uw hotel naar de Domtoren af te leggen (in het zeer hypothetische geval dus dat er geen luchtweerstand is). Om 144 seconden te vallen zonder de grond te raken, moet uw hotel dan ruim honderd kilometer hoog zijn. Honderd kilometer! Hoeveel kamers kunt u daarin kwijt? Daarbij vergeleken is zelfs de hoogste wolkenkrabber van Dubai een dwerg met een schamele achthonderd meter.
Maar hoe meer ik er over nadacht, hoe minder waarschijnlijk het me leek dat er zo’n gigantisch hotel in Utrecht staat zonder dat ik het ooit gezien heb. Voor de zekerheid boekte ik een ander hotel. Dat lag op 48 meter van de Domtoren, een steenworp zeg maar. Al zeiden zij daar op hun website dan weer niets over.
Verbaasde groet,
Ionica

zaterdag 24 november 2012

Duiventheorie

Al weken, maanden, misschien zelfs jaren, denk ik na over mijn zelfbedachte theorie, die ik de "duiventheorie" heb genoemd. Het komt hierop neer: hoe netter de buurt, hoe mooier de duiven. Het omgekeerde geldt ook: hoe smeriger de buurt, hoe lelijker de duiven. 
Ik kwam hierop, toen ik eens uit het raam keek. Als ik in mijn buurt, die ik liefkozend een tachtigplusserswijk noem, een duif zie, dan zijn het grote vogels met een prachtige verenkleed. Dikke houtduiven, egale turkse tortels en een enkele keer een eerste generatie stadsduif*. Als ik naar school toe fietste, kwam ik door het echte Rotterdam-Zuid. De duiven die ik daar zag, waren veel kleiner en om eerlijk te zijn, ook veel lelijker. Vuurrode ogen, geen traditioneel verenkleed en een ander gedrag. In de stad zijn de duiven nog een stukje kleiner, veel minder bang voor mensen en zwakker.
De duiven voor mijn huis zijn groot en sterk en zijn echte vogels, die op hun hoede zijn voor mensen. In de stad zijn ze kleiner, niet bang voor de mens, kunnen minder sierlijk lopen en vliegen. 

Al maanden, misschien zelfs jaren, heb ik deze theorie, maar waarom is het zo? In de stad is meer eten, waarom zijn de duiven daar dan niet groter? Misschien omdat het eten vetter, viezer, rotter is, maar waarom zijn er dan zoveel duiven in de stad? 
Ach, zolang er rondom mijn woning maar mooie duiven zijn, ben ik tevreden ;-)

* eerste generatie stadsduif: een duif die grote overeenkomste vertoont met de rotsduif, maar dan met een iets meer gespikkeld verenkleed. 

zondag 18 november 2012

Het laatste woord hebben

Laatst zat ik in de tram op weg naar mijn vriendinnetje. Redelijk achterin, omdat dat bij de halte waar ik uitstap beter uitkomt. De tram stopt en er stappen een stuk of zes Turkse/Marokkaanse jongens binnen van een jaar of 14. Het is een typische jongerengroep. Er is een leider, hij is de oudste, de grootste en een van de rustigste. Twee druktemakers, die wat harder praten dan nodig is en veel lachen. Dan nog wat jongere jongens, die het al stoer vinden dat ze erbij zitten.
De groep was nogal luidruchtig, maar niet storend genoeg om mij er druk om te maken. Het is vrijdagavond, de schoolweek is voorbij, het weekend begint. Misschien zijn ze daar gewoon enthousiast over.
Een van de jongens begint te stampen op de vloer. Ik kijk hem aan en zeg: "Moet het kapot?" De druktemaker kijkt me brutaal aan en vraagt of de tram van mij is. Hierbij gebruikte hij het woord "u", wat ik overigens zeer prettig vond. 
"Nee, de tram is niet van mij, maar ook niet van jou, je hoeft niet te stampen." De meelopers merken dat ik niet terugdeins en proberen te doen alsof ze er niet bij horen. De andere druktemaker moet erom lachen. Hij gaat zich ermee bemoeien.
"U moet niet schreeuwen tegen mij!" Met een blik alsof ik bang moet zijn, bang voor niks, omdat hij niks durft. 
Op duidelijke toon, maar niet overdreven, zeg ik: "Ik schreeuw niet, maar jij wel. Niet in de tram trappen, gewoon rustig doen." Dat laatste verstond hij blijkbaar niet zo goed, want hij reageerde met "heh?" Dit had ik laatst ook op mijn stageschool, en als ik ergens niet tegen kan, is als iemand mij denigrerend aanspreekt met 'heh'.
Ik antwoord: "nee, niet 'heh', het is 'wat zegt u?'". De meelopers en de andere druktemaker moeten er wel om lachen. De jongen probeert de schaamte weg te lachen. Hij is niet gewend om zo terug gesproken te worden. Om per se het laatste woord te hebben, zegt hij nog brutaal: "Weejoh, u bent geen juffrouw."
"Dankjewel dat je het ziet, ik werk inderdaad in het onderwijs."

woensdag 14 november 2012

Bijna uit de kast..

Op mijn stageschool zit ik bij wat meiden die een vraag hadden over statistiek. Een van de meiden keek naar mijn ketting. Het is een hartje met de naam van mijn vriendin erop.
"Mevrouw, is die van uw vriend?" Ze knikt naar mijn ketting.
"Nee," zeg ik vriendelijk en kijk naar de opgave.
"Oh, die van mij wel!" En ze gaat verder met de opgaven.

zondag 11 november 2012

Geen verbod homohuwelijk

De wet die homoseksualiteit in Malawi illegaal maakt is voorlopig opgeschort en de politie is geïnstrueerd geen homoseksuelen meer op te pakken. De wet blijft opgeschort tot er een beslissing is genomen over de eventuele afschaffing ervan, die momenteel ter discussie staat in het parlement van het Afrikaanse land. Op homoseksualiteit staat momenteel een gevangenisstraf van 14 jaar, wat een doorn in het oog is van westerse hulporganisaties. 

In 2009 zijn twee mannen gearresteerd, nadat ze het eerste homokoppel waren dat getrouwd is in het conservatieve Afrikaanse land. De vervolging van het stel leidde tot grote internationale verontwaardiging, wat tot gevolg had dat westerse hulporganisaties geen steun meer gaf aan de regering van president Bingu wa Mutharika, die in april overleden is.
In een recent advies aan zijn opvolger, Joyce Banda, werd geopperd om het homohuwelijk te decriminaliseren, om zo de verspreiding van hiv en AIDS tegen te gaan. Daarom overweegt de minister van Justitie, Ralph Kasambara, nu om de wet tegen homoseksualiteit af te schaffen. Tot er een beslissing is gemaakt zullen er geen nieuwe aanklachten worden ingediend tegen homo’s. Kasambara: ‘Als we mensen blijven arresteren en vervolgen op basis van deze wet, en deze blijkt later ongrondwettelijk te zijn, dan zou dat gênant zijn voor de overheid. Het is beter om één crimineel ermee weg te laten komen dan om een heleboel onschuldige mensen in de gevangenis te gooien.’
Naast Malawi zijn er nog 36 andere Afrikaanse landen waar homoseksualiteit verboden is.

vrijdag 9 november 2012

Amerikaanse verkiezingen

De uitslagen van de Amerikaanse verkiezingen lijken positief uit te pakken voor LHBT’s. Niet alleen werd de pro-LHBT kandidaat Obama herkozen, in drie staten werd het ‘homohuwelijk’ gelegaliseerd en voor het eerst is er een openlijk lesbische vrouw tot senator verkozen.

Maryland, Washington en Maine
In drie staten hebben kiezers zich uitgesproken voor het openstellen van het huwelijk voor stellen van gelijk geslacht. In Maryland en Washington werden eerder ingestelde wetten door de kiezers bevestigd. Maine gaat de boeken in als de eerste staat waar de bevolking zelf het ‘homohuwelijk’ mogelijk heeft gemaakt. In de zes staten waar trouwen al toegestaan was voor LHBT’s, werd dit ingesteld door wetgeving of na rechtszaken.
In Minnesota konden kiezers zich uitspreken over een verbod op huwelijken tussen twee mannen of twee vrouwen. Het ziet ernaar uit dat het ‘nee’-kamp heeft gewonnen en dat het verbod dus niet in de grondwet wordt opgenomen. Hoewel stellen van hetzelfde geslacht nog steeds niet kunnen trouwen in Minnesota, betekent deze uitslag in elk geval dat het niet onmogelijk wordt in de toekomst.

Tammy Baldwin
De Democratische kandidaat Tammy Baldwin wordt senator namens Wisconsin. Zij is daarmee het eerste openlijk homoseksuele lid van de Amerikaanse Senaat. “Ik ben me er goed bewust van dat ik de eer heb om de eerste vrouwelijke senator van Wisconsin te worden. En ik ben me er goed bewust van dat ik het eerste openlijk homoseksuele lid zal zijn om te dienen in de senaat van de Verenigde Staten,” zei de nieuwe senator. “Maar ik was niet verkiesbaar om geschiedenis te schrijven, ik was verkiesbaar om voor verandering te zorgen.” Tijdens de campagne gebruikte haar tegenkandidaat één keer beelden van Tammy op een Gay Pride-manifestatie, maar later distantieerde hij zich van deze uiting.

woensdag 7 november 2012

Homohuwelijk in Spanje

Het homohuwelijk in Spanje is niet in strijd met de grondwet. Dat heeft het constitutionele hof in Madrid gisteravond bepaald.

Sinds 7 jaar is het voor Spaanse homoparen mogelijk om te trouwen. De socialistische regering van premier Zapatero keurde in 2005 een wet hierover goed. Spanje behoorde tot één van de eerste landen waar het homohuwelijk mogelijk werd.
De centrum-rechtse Partido Popular was fel tegen de wet. Ook een groep conservatieve rechters begon een campagne om de wet ongegrond te laten verklaren. Het homohuwelijk zou volgens hen namelijk in strijd zijn met de grondwet. Nu de Partido Popular weer aan de macht is, probeerde de regering van premier Rajoy van het homohuwelijk af te komen.
Het hof oordeelde gisteren dat het huwelijk tussen mensen van dezelfde sekse niet verboden is. De grondwet geeft geen aanleiding het homohuwelijk te verbieden.
Honderden Spanjaarden gingen na de uitspraak de straat op om het nieuws te vieren. Op het centrale plein in Madrid, Puerta del Sol, feliciteerden ze elkaar en droegen ze vlaggen en spandoeken. Sinds de wet voor het homohuwelijk in Spanje zijn er zo’n 22.000 stellen getrouwd.
Bron. 

zondag 4 november 2012

Regen

Regendruppels
Nat, koud
Vallen naar beneden
Donkere, sombere dagen komen
Herfst 

donderdag 1 november 2012

Lesbisch Moederschap (2)

In Lesbisch Moederschap had ik het onder andere over de uitspraken van Mariska de Haas in het debat bij Pauw&Witteman. Dat interview was schijnbaar niet genoeg, want ze heeft nog meer aparte opmerkingen gemaakt.

Laat mij eerst even terugblikken op het debat. Daarin voerde zij aan dat er wetenschappelijk bewijs is, dat een dergelijke opvoeding niet in het belang van het kind is. Een man vroeg over welk wetenschappelijk onderzoek het ging, en zij kon buiten haar directe kennissenkring, alleen Freud noemen.
Freud was een neuroloog ("hersendokter") die zo'n beetje de psychoanalyse uitvond (emotionele zaken verdring je en daardoor gedraag je je onbewust anders). Deze meneer is al ruim 73 jaar dood. Wat hij over de opvoeding heeft gezegd, is het volgende: "In de opvoeding gaat het er om kinderen zo ongestoord mogelijk de ontwikkelingsfasen te laten doorlopen. Dat wil zeggen: enerzijds niet helemaal vrij laten (dan leren ze geen grenzen kennen en hun driften niet 'omvormen' tot acceptabel gedrag), en ze anderzijds ook niet te onderdrukken." 
Nergens kom ik het woord lesbisch of homo tegen. Misschien omdat dat niet zijn onderzoeksgebied was, misschien omdat homoseksualiteit toen nog niet zo bekend en open was. Misschien noemde Mariska deze man, omdat het een van de bekendste psychologen is.

Mariska zei onder andere "heel veel meisjes die lesbisch zijn, zijn vroeger misbruikt".
Ook hier noemde zij geen bron, dus die ben ik even gaan opzoeken. Op de site 'Kennis over jeugd en opvoeding' staat het volgende vermeld:
Uit recent onderzoek blijkt dat in 2010 ruim 118.000 kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar in Nederland (ruim 3 procent van het totaal) blootgesteld waren aan een vorm van kindermishandeling (Tweede Nationale Prevalentiestudie Mishandeling van kinderen en jeugdigen, 2011). De meerderheid van de gevallen betreffen emotionele verwaarlozing (inclusief verwaarlozing van het onderwijs en getuige zijn van huiselijk geweld) en fysieke verwaarlozing, met respectievelijk 36 en 24 procent van de gevallen. Seksueel misbruik wordt met 4 procent het minst gemeld.
Dus met andere woorden: 4% van de 3% van de kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar, is seksueel misbruikt.Dit komt neer op 0,0012% van alle kinderen. Met andere woorden: als je 50.000 kinderen hebt (daarmee kun je de Kuip in Rotterdam vullen), dan zijn er 60 kinderen misbruikt. Van die 50.000 kinderen zijn er naar schatting 2.500 homo- of biseksueel van aard. Als ik aanneem dat alleen homoseksuele kinderen zijn misbruikt, dan is dat nog steeds slechts 2,4%. Bij dit getal vraag ik mij af wat mevrouw Mariska onder 'heel veel' verstaat.

In Fabulous Mama zegt Mariska ook dat ze ongerust zou zijn als haar dochter lesbisch zou zijn of haar zoon homo. “Vooral als mijn zoon homo is, omdat homo’s schokkend veel sekspartners hebben in hun leven. (…) Ik zou bang zijn voor ziektes en misbruik."
Dit heeft toch te maken met voorlichting? Als je op tijd het belang van het condoom uitlegt, zullen de ziektes wel meevallen. Hetzelfde geldt voor het 'schokkend' aantal sekspartners. Als je je kind opvoedt dat hij zijn medemens met respect moet behandelen, zoals hij dat zelf ook zou willen, dat de seks iets moois en iets liefs is en ook een bijzonder moment, dan zal het aantal niet zo schokkend zijn.

Voor wie het hele verhaal wil lezen, kan hier terecht.

Aan Mariska zou ik willen zeggen: wees niet zo angstig. Een homoseksuele zoon betekent niet dat hij misbruikt is en het betekent ook niet dat hij met iedereen onveilig het bed in duikt. Lees liever wat artikelen of raadpleeg bronnen die geen 80 jaar oud zijn. Neem een voorbeeld aan mij: ik zoek de juiste cijfers en haal er een juiste, logische conclusie uit. Ik ben tijdens dit onderzoekje niet eens misbruikt, ondanks dat ik lesbisch ben. Wat een opluchting.